Inzet doorstroomcoaches lijkt gouden zet bij terugdringen voortijdig schoolverlaten 

De regio Noordoost-Brabant wil zoveel mogelijk jongeren een goede start op de arbeidsmarkt bieden. Dat begint bij het terugdringen van voortijdig schoolverlaten. De inzet van doorstroomcoaches blijkt hiervoor een geslaagd instrument te zijn: bijna alle gecoachte jongeren zijn tot nu toe succesvol doorgestroomd naar een mbo-opleiding. Wat maakt deze aanpak tot zo’n groot succes?

Auteur: Maaike Botden (Het Woordatelier) 

De regio Noordoost-Brabant is al een paar jaar actief met een arbeidsmarktprogramma. Een van de onderdelen daarvan is de aanpak ‘Voortijdig Schoolverlaten’. In de regio Oss-Cuijk-Meijerijstad concludeerden 12 scholen met elkaar dat een-op-een begeleiding waardevol zou zijn om een bepaalde groep leerlingen uit het voortgezet onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs een goede start te laten maken in het mbo. Er werd een pilot opgezet voor een persoonlijke aanpak voor  jongeren die om uiteenlopende redenen een grotere kans hebben op voortijdig schoolverlaten – en dus straks minder kans maken op werk. De start van doorstroomcoaching was daarmee een feit. 

Gelukkigere studenten

Peer van Summeren, voorzitter College van Bestuur De Leijgraaf:

“Wie van het vo naar het mbo gaat, krijgt te maken met een heel nieuwe wereld: meer zelfregulering, een andere manier van leren, voor sommigen extra reistijd. Het gros van de leerlingen kunnen we hier prima in begeleiden. Daarnaast is er een groep die meer zoekende is en er zelf niet goed uitkomt. Voor hen is het fijn dat er iemand is als een doorstroomcoach die hen helpt om op een plek te komen die ze zelf mogelijk niet hadden gevonden. De overgang tussen vo en mbo is in onze regio al best goed geregeld. De doorstroomcoach biedt echter al vanaf het vo ondersteuning – en die aanvulling is succesvol. Door deze leerlingen intensief te begeleiden naar de opleiding en school die bij hen past, behouden we talent voor onze regio en zien we gelukkigere studenten.” 

99% succesvol gestart op mbo

Marloes van de Camp, regionaal projectleider jongerenaanpak, coördineerde de pilot. “In 2020 zijn twee doorstroomcoaches aan de slag gegaan. Zij hebben in dat eerste pilotjaar 71 jongeren begeleid, waarvan er 70 succesvol gestart zijn op het mbo. Dat is een fantastisch resultaat. Zeker als je je bedenkt dat het hele proces nog in de kinderschoenen stond én het een jaar was met beperkingen vanwege corona. Dit eerste succes toont al aan hoe waardevol het is om kwetsbare overstappers persoonlijk te begeleiden, als aanvulling op de regionale monitoring van alle jongeren via een digitaal systeem.” 


Selwin: “Ik kreeg eindelijk weer een vertrouwd gevoel” 

“Op het vmbo ging het niet goed met me. Door omstandigheden ben ik zonder diploma van school gegaan. Ik wist wel wat ik wilde studeren: autotechniek. Maar hoe moet je dat aanpakken, als je geen diploma hebt? Mercy heeft toen een intakegesprek voor me geregeld bij het ROC in Cuijk. Vervolgens heeft hij mij geholpen bij het invullen van allerlei formulieren die ik nodig had om door te kunnen. Het fijne vind ik dat Mercy bij me langskomt als er iets is. Dat maakt het persoonlijk en zo snap ik ook beter wat hij bedoelt als hij iets uitlegt. En hij belt af en toe om te vragen hoe het met me gaat. Die interesse heb ik op mijn middelbare school echt gemist, ik had het gevoel dat ze me gewoon niet mochten. Bij Mercy is dat heel anders en dat geeft me een vertrouwd gevoel. We hebben respect voor elkaar en ik mag hem graag. Mercy en ik zijn ook samen op het ROC geweest en hebben daar met leraren gesproken. Dat leken me goede gasten. Dankzij Mercy kan ik achter me laten wat er gebeurd is op het vmbo en zie ik de start op het ROC positief tegemoet.” 


Een kalenderjaar lang

“Het bijzondere aan doorstroomcoaching is dat het traject over twee schooljaren heen loopt, namelijk van januari tot en met december”, vervolgt Marloes. “In de eerste maanden van het jaar brengen de scholen in kaart over welke leerlingen zij zich zorgen maken of zij een goede overstap zullen maken naar het mbo. Dat betreft meestal leerlingen die minder zelfredzaam zijn, die thuis of op school problemen hebben of die niet weten wat voor opleiding ze leuk vinden en daardoor geen keuze maken voor een school. De doorstroomcoaches nemen in maart contact op met deze leerlingen en gaan met hen in gesprek om helder te krijgen waar zij precies hulp bij nodig hebben. Ze houden contact met elkaar tijdens de zomervakantie en ook daarna, als de jongere gaat starten op de nieuwe opleiding. Tot december houdt de coach in de gaten of iemand wel echt op zijn of haar plek is op de nieuwe school. Je daar thuis voelen is een belangrijke factor in het blijven volgen van onderwijs.” 

In vertrouwen loslaten

Imke van den Berk, zorgcoördinator De Leijgraaf Veghel 

Elke docent herkent het: die leerling waar je grote zorgen om hebt en die eigenlijk wat meer begeleiding nodig heeft om goed de overstap te kunnen maken. Met de doorstroomcoaches is dit vangnet er. Zij kijken mee in de thuissituatie, betrekken ouders bij het onderwijs en leggen actief de koppeling tussen vo en mbo. Ze zorgen ervoor dat de leerling de juiste keuze maakt voor een opleiding en dat hij of zij vervolgens goed landt. Dat maakt het echt fijner om zo’n kwetsbare leerling vanuit het vo los te laten en erop te vertrouwen dat de zorgen ook op het mbo goed in beeld zijn. Dit zou je eigenlijk iedere leerling waar het ook maar een beetje nodig voor is, gunnen. 

Los van school

Gerard de Bresser en Mercy Setroredjo zijn de doorstroomcoaches binnen dit traject. Gerard: “Veel van de jongeren die wij helpen hebben conflicten (gehad) op school of voelen zich daar niet gehoord. Ze ageren vaak tegen school en willen er niets mee te maken hebben. Wat wij doen, is leerlingen opnieuw vertrouwen geven en hen leren denken in mogelijkheden. De directies van de vo-, vso- en mbo-scholen in de regio hebben er bewust voor gekozen om twee doorstroomcoaches in te zetten die niet verbonden zijn aan een van scholen. Dat was een goede zet, want leerlingen voelen daardoor dat wij er echt voor hen zijn, los van school. Hoe en waar we afspreken, laten we zoveel mogelijk aansluiten op wat de jongeren zelf willen. Zo kunnen we een band met elkaar opbouwen. Op die manier kunnen ze het opgelopen ‘oud zeer’ beter achter zich laten en zich openstellen voor nieuwe stappen.”  

Mercy Setroredjo (l) en Gerard de Bresser (r)

“Jij hebt me gered”

Mercy benadrukt dat de jongere echt centraal staat: “Alles draait om de vraag: ‘wat wil jij?’ En dan niet over 10 jaar, maar nu. Vaak weten jongeren niet goed welke mogelijkheden er zijn – en dat is ook begrijpelijk als je 15 of 16 jaar bent. Wij helpen deze jongeren om te ontdekken wat zij willen en hoe ze dat kunnen bereiken. Dat doen we vanuit onze ervaring en via ons netwerk. Zo begeleidde ik een jongen die zich had ingeschreven voor een sportopleiding. Toen die mbo-richting ophield te bestaan, wist hij zich geen raad meer. Na wat gesprekken heb ik hem kennis laten maken met de mbo-opleiding Veiligheid & Vakmanschap (VeVa). Bij deze opleiding word je voorbereid op een baan bij Defensie én je doet er lekker veel aan sport. Ik heb naar dat ROC gebeld en hij kon dezelfde dag nog langskomen voor een intakegesprek. Hij is gegaan en werd razend enthousiast. Deze jongen is helemaal op zijn plek daar en zei na afloop: ‘Jij hebt me gered’.”  


Reijer: “Als je mij zelfs weet te motiveren, dan kun je wat” 

“Ik ben nooit echt gemotiveerd geweest voor school. En ik had geen idee welke opleiding ik kon doen. Toen kwam ik in contact met Gerard. Met hem ben ik om tafel gaan zitten en we hebben besproken wat ik wilde. Hij kan echt goed doorzien waar je interesse ligt. Eerst opperde hij dat ik een pitstop-jaar zou doen, een oriëntatiejaar waarin je kunt ontdekken wat je wilt. Maar helaas werd ik daar niet toegelaten. Praten met Gerard is een soort opluchting: hij heeft altijd ideeën en ziet overal mogelijkheden. Dat hielp mij wel echt bij het maken van keuzes, daar waar ik er zelf niet uitkwam. Daarbij vind ik hem ook heel aardig. Dat maakt ook dat het contact goed loopt. Hij heeft mij weten te motiveren om te beginnen aan de opleiding sport en beweging aan het ROC in Boxmeer. En ik kan je zeggen: als je mij zelfs weet te motiveren, dan kun je wat! Ik heb veel met sport en ben benieuwd hoe de opleiding zal zijn. Maar ja, het blijft wel school he?” 


De juiste impuls

Ook Gerard heeft een mooi voorbeeld van ‘omdenken’: “Ik had een meisje met autisme onder mijn hoede dat graag een creatieve opleiding wilde doen met muziek en toneel. Dat lukte helaas niet en daarna wist ze het totaal niet meer. Ik liet haar zien dat je op verschillende manieren creatief bezig kunt zijn. Samen met haar ben ik gaan kijken op de laboratoriumschool. En wat denk je? Ze begon daar ter plekke te stralen! Nu doet ze die opleiding en muziek houdt ze als hobby.” Mercy: “Dat is onze kracht: een-op-een aandacht voor een leerling, oog hebben voor zijn of haar wensen en talenten, verder kijken en doorpakken. Dat we na de start op hun mbo-opleiding nog een poos in contact blijven met de jongeren, voelt als een veilige haven voor hen. Dat draagt bij aan een ‘warme landing’ op het mbo. Doorstroomcoaching geeft veel van deze jongeren de impuls die ze nodig hebben om gemotiveerd te raken. Dat legt een goede basis om die startkwalificatie te halen.” 

De positieve route

Tonnie Braam, teamleider Ondersteuning Fioretti College 

“Doorstroomcoaches maken het verschil door jongeren die tussen de wal en schip dreigen te raken te overtuigen van hun kwaliteiten. Van daaruit maken ze samen de juiste match met een mbo-opleiding. Ze kiezen voor de positieve route en wijzen jongeren op hun mogelijkheden. Dit alles overigens zonder dat ze het paadje voor de jongeren schoonvegen, want de doorstroomcoaches stellen wel degelijk grenzen. De doorstroomcoach zorgt ook voor de verbinding tussen school, leerling en ouders. Het persoonlijke en praktische contact met de doorstroomcoach, dat ook doorloopt tijdens en na de zomervakantie, is voor sommige jongeren precies wat ze nodig hebben om een goede overstap te maken naar het mbo.”  

Samenwerking loont

Marloes van de Camp is tevreden over de pilot: “Het eerste jaar was een heuse zoektocht naar hoe we doorstroomcoaching het beste in konden richten. Hoe werken we als scholen samen met elkaar? Hoe bepaal je of een jongere in aanmerking komt voor doorstroomcoaching? Is andere hulp misschien beter? Doorstroomcoaching is immers slechts een van de instrumenten om jongeren aan boord te houden van het onderwijs. Inmiddels durf ik wel te zeggen dat deze preventieve, persoonlijke aanpak een succes is: tot nu zijn de gecoachte jongeren allemaal nog steeds in beeld. Met onze aanpak van voortijdig schoolverlaten zijn we ver vooruit op andere regio’s. Dat is echt het resultaat van een goede samenwerking tussen de betrokken scholen. Daar mogen we in deze regio best heel trots op zijn.”  

Gezamenlijk initiatief

Ad van Kemenade, directeur-bestuurder Udens College 

“De kracht bij deze pilot schuilt in het gezamenlijke initiatief. Toen we in onze regio spraken over de aanpak van vroegtijdig schoolverlaten, kwam doorstroomcoaching als een gezamenlijke oplossing: twee coaches die werken voor alle betrokken scholen. Dat maakte niet alleen de financiering gemakkelijker, hun onafhankelijkheid werkt ook positief. Los van het bestuurlijke aspect, gaat mijn onderwijshart hier echt sneller van kloppen. Het kan mij raken als ik zie dat een leerling op de goede plek komt en het vertrouwen heeft dat hij of zij ook op het mbo nog terug kan vallen op de coach. Je gunt elk kind een goede ontwikkeling, dus elke leerling die we hiermee kunnen helpen is er één.” 

Blijf op de hoogte!

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief